Pestosaus
Verse groene pesto van basilicum, pijnboompitten en Parmezaan. Klaar in enkele minuten en heerlijk door pasta of op brood.
Ingrediënten
Bereidingswijze
Rooster de pijnboompitten kort in een droge pan op middelhoog vuur tot ze goudbruin zijn, ongeveer 2 tot 3 minuten. Roer regelmatig en let goed op, want ze verbranden snel. Haal ze van het vuur en laat volledig afkoelen.
Doe de basilicum, de afgekoelde pijnboompitten, de geraspte Parmezaan en het teentje knoflook in een hakmolen of een vijzel.
Mix of stamp het geheel tot een grove, maar homogene massa.
Giet de olijfolie er traag bij terwijl je blijft mixen of stampen, tot er een smeuige saus ontstaat.
Proef en kruid bij met zout en peper.
Bewaar de pesto in een goed gereinigd glazen potje. Dek af met een dun laagje olijfolie zodat de pesto niet verkleurt. Bewaar tot 5 dagen in de koelkast.
Pesto komt uit Genua en dankt zijn naam aan het Italiaanse werkwoord 'pestare', wat stampen of pletten betekent. Traditioneel wordt de saus bereid in een marmeren vijzel met een houten stamper, precies zoals dat werkwoord doet vermoeden.
Gebruik basilicum op kamertemperatuur en vermijd langdurig mixen, want de warmte van de motor kan de basilicum doen oxideren en verkleuren. Werk snel of gebruik een ijskoude vijzel.
Heerlijk door verse pasta, als smeerseltje op geroosterd brood of als basis voor een bruschetta.
Een frisse Italiaanse witte wijn zoals een Vermentino of een Pinot Grigio past uitstekend bij de kruidigheid van pesto.