Piperade, Baskische eierschotel met paprika en tomaat
Een zonnig Baskisch gerecht van gesmoorde paprika's, tomaten en ui met de typische espelettepeper, gebonden met losgeklopte eieren. Fris, eiwitrijk en vol kleur.
Ingrediënten
Bereidingswijze
Snij de paprika's in reepjes en de uien in halve ringen. Pel de look en hak fijn.
Verhit de olijfolie in een ruime pan op middelhoog vuur en stoof de ui en look glazig, ongeveer 5 minuten.
Voeg de paprikareepjes toe en laat ze op een zacht vuur garen tot ze zacht zijn, ongeveer 10 minuten.
Ontvel de tomaten door ze kort in kokend water te dompelen, verwijder de zaadjes en snij het vruchtvlees in stukken.
Voeg de tomaten samen met de tijm en de espelettepeper toe aan de pan. Laat het geheel op een zacht vuur inkoken tot een smeuige groentesmoor, ongeveer 15 minuten. Verwijder het takje tijm.
Klop de eieren los in een kom en giet ze over de groenten. Roer voorzichtig met een houten lepel tot de eieren net gestold zijn maar nog romig blijven.
Kruid bij met zout en peper en dien meteen op.
Piperade dankt zijn typische smaak aan de piment d'Espelette, een milde Baskische peper die pas in de zestiende eeuw via Amerika in Europa belandde. De rode, groene en witte kleuren van het gerecht komen niet toevallig overeen met de kleuren van de Baskische vlag.
Zorg ervoor dat de groentesmoor voldoende ingedikt is voor je de eieren toevoegt. Te veel vocht maakt het gerecht waterig. Roer de eieren op een heel zacht vuur zodat ze romig blijven en niet uitdrogen.
Geroosterd boerenbrood of een snede knapperig stokbrood.
Een lichte, droge witte wijn uit het Baskenland, zoals een Txakoli, past uitstekend bij de frisse smaken van dit gerecht.